het begin van onze camperreis door Bretagne 
 

Rondreis met de camper

Via Saint Pol de Léon naar Telgruc sur Mer

zaterdag 12 juni...   Een rondje Heppiebuzz via de Abdij Beauport naar Paimpol                        voor het laatst bijgewerkt op:  07-10-2017

REISVERSLAG

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

We staan lekker op tijd op, zodat we volop kunnen genieten van de zon die er nu weer volop bij is en van de natuur. Na de ontmoeting met het hekje bij Cap Frehel wil ik over een niet te lange afstand kijken of ik veel last heb van de slag in mijn wiel.

Nog voor we vetrekken, weet ik het antwoord al: dit gaat niet lukken. Door de slag loopt het wiel vast tegen de remblokjes. Helaas... fiets weer achterop en dan maar met de buzz naar Paimpol.
Germaine blijkt er hier meer moeite mee te hebben dan in Tsjechië: Kerity (Bretonse naam) kent ze wel, maar blijkbaar op een andere plek. Dus gaan we te veel naar het zuiden.

Gelukkig ontdekken we dat bijtijds en herstellen de rijrichting met hulp van de onvolprezen hulp van monsieur Michelin en Madame Louise. In Paimpol gaan we nog even langs de Renault-garage -het blijft spannend deze vakantie- want de ruitenwissers doen helemaal niets meer. Dus wil ik daar een zekering halen danwel advies vragen.
Zekering blijkt goed -dat dacht ik ook al- beetje rommelen en jawel: ineens werkt het weer. We starten, op weg voor het laatste stukje nar het centrum en ..... de wissers doen weer niets.

Het is even bekijken waar we zitten, maar al snel zien we het haventje en dan draaien we terug naar een parkeerplaats die we net buiten de blauwe zone hebben gezien. Hier ziet Loes een hele wolk zwarte rook... de stroomtrein fluit drie keer en vertrekt... ik kan nog net de achterkant op de foto zetten. Jammer, morgen een nieuwe kans.

Stadswandeling Paimpol

We wandelen eerst door het oude centrum, met aardige smalle straatjes en een toren die vroeger onderdeel uitmaakte van de parochiekerk. Kerk weg, toren is er nog.  Vervolgens komen we na wat omzwervingen bij het haventje terecht.

We kijken er rond, nemen hier en daar foto's en komen dan bij een soort 'supermarkt' voor maritieme zaken. Als je iets voor je boot nodig hebt, van functioneel tot kitscherige extra's, moet je hier zijn. Als souvenirtje zie ik een fiets met een zeeman, die achterop Blanche heeft, het symbool van Bretagne. Die besluit ik dus voor de collectie fietsen aan te schaffen.

voormailige parochiekerk: kerk weg, toren stat er nog eenzaam

Paimpol is vanouds bekend om zijn visexpedities naar IJsland, maar moest daarvoor een zware tol betalen. Honderd schoeners en 2.000 bemanningsleden keerden nooit terug. Elke visserman moest de ontberingen doorstaan van kou en een half jaar op zee, inclusief het gemis van moeder-de-vrouw. Die stonden bij het Croix des Veuves hun geliefden op te wachten. Steevast brak bij aankomst het ene deel uit in vreugdetranen, het andere deel in tranen van droefenis.

Paimpol heeft nog winkeltjes met mooie oude gevels

drukte in het haventje

naast vissersschepen zie je veel jachten in de haven van Paimpol

 

De eerste expeditie startte in 1852 en de laatste vertrok in 1935.

Tegenwoordig hebben vooral de plezierjachten hun plek in de haven veroverd.

restanten van de abdij Beauport

Omdat het vanmorgen niet lukte, gaan we op de terugweg naar Cap Horn langs de Abdij van Beauport. Volgens het boekje is dit een van de mooiste abdijen van Bretagne. Echter, van de Anglo-romaanse kerk uit de 13e eeuw resteert nog slechts een ruïne. Alleen de muren staan  nog.

We hebben goed zicht op de oesterbanken

Eenmaal terug op de camping gaan we 'bovenlangs' en hebben dan een mooi uitzicht op zowel de oesterbanken als de baai. Het is eb, dus men is druk doende met tractoren om de oesters te oogsten. Voor ons een mooie gelegenheid om foto's te maken, ook als we via het lange-afstands-wandelpad GR 34 naar ''zeeniveau'' zijn afgedaald.

Het grappige is dat je dan weer via een binnendoorpaadje terug op de camping komt.

Het is niet echt een avond om lang buiten te zitten, maar verder hebben we over het weer niet meer te klagen.

Uitzicht vanaf de camping op zee, maar dan moet je wel op de goeie plek staan.

 Wat we missen, blijkt achteraf, is de train vapeur du Triuex. Deze stoomtrein rijdt tussen tussen Paimpol en Pontrieux en de reizigers worden onthaald door gastvrouwen, gekleed in klederdracht uit die tijd, die verhalen van weleer vertellen. Bij het estuariumhuis van Traou Nez, een herenhuis midden in het bos, kan worden genoten van pannenkoeken en cider tijdens een concert van hoornblazers.

We gaan daar morgen naar op zoek.

Video trein vapeur

gereden: 31 km.

zondag 13 juni... rondje Pontrieux

Fietsroute met de auto

We gaan de ANWB-fietsroute 2 uit het boekje van Bretagne doen, maar dan noodgedwongen met de buzz. Het startpunt is Lézardrieux, zo'n vijftien kilometer vanaf de camping en westelijk van Paimpol.  Vanaf daar gaan we zuidwaarts, slingeren langs de 'estuaire' (trechtermonding) van de Trieux.

Het eerste plaatsje waar we even een fotostop inlassen is Pleudaniel. Ook hier weer een alleraardigste kerk met een heel aparte toren. Het gebied schijnt zich goed te lenen voor fietstrainingen, want we komen diverse groepjes amateur-wielrenners tegen.

Zo'n zes kilometer verderop staat links het kasteel La Roche-Jagu, door de ANWB beschreven als een aanrader waar je ook heerlijk kunt picknicken. Wij zetten de buzz dus ook op het parkeerterrein en wandelen naar het kasteel. Je zult het hier maar bedacht hebben: een beetje apart gebouw -vrij smal- maar met aan de ene kant een geweldig mooi uitzicht op de vallei van de Trieux en aan de andere kant op een prachtig groen glooiend landschap. Inderdaad de moeite van het bekijken alleszins waard: Bretagne optima forma!

Bewegwijzering naar het station is onduidelijk

We vervolgen de route naar Pontrieux, de stad die heel simpel zijn naam dankt aan de brug over de Trieux, die hier nog slechts een rivier is. Wat een mooi stadje! Gisteren hoorden we een verhaal van andere campinggasten die met de stoomtrein het dal van de Trieux hadden gevolgd, in Pontrieux drie uur waren 'losgelaten' en het een stadje van niks vonden. Wij hebben een andere mening: schoonheid moet je zien. We gaan eerst op zoek naar het stationnetje, waar de stoomtrein moet aankomen. Dat valt niet mee. He staat weliswaar een paar keer aangegeven -soms half verstopt achter struiken- maar net het laatste stukje richting-aanwijzing ontbreekt. We komen weer terecht in het centrum en besluiten de Heppiebuzz dan daar maar op een parkeerplaats te zetten. Er staat ook een infobord en daarop zien we hoe we naar het station moeten lopen: net iets voorbij de plek waar we de laatste aanwijzing hadden gezien. Dat is best een aardig stuk. Bovendien blijkt die weg geen rechtstreekse verbinding naar het station te hebben -het is de achterkant- maar nu zijn we toch ondeugend en lopen de laatste twintig meter langs de rails.

We zien nu precies het locje op ons afkomen om van kop af te gaan, op weg naar het waterreservoir om bij te tanken. Daarna steken we de rails over en lopen die laatste meters naar het perron. Daar kunnen we dan gelukkig nog wat sfeerfoto's maken.

Je kunt vanaf het station met een calèche naar het centrum, maar wij gaan gewoon met de benenwagen. Dat geeft ons namelijk even verderop de mogelijkheid neer te strijken op het terrasje van de Schooner Pub.

Hier nemen we een 'Franse lunch': een baguette met Emmentaler danwel Parma, sla en nog zowat ingrediënten. Roseetje erbij en voor mij een alcoholvrij bier en natuurlijk gewoon water (dat ze hier standaard serveren).

Even later krijgen we gezelschap van de koetsier en zijn maatje, die alle toeristen netjes naar hun bestemming hebben gebracht.

Eenmaal in het centrum zijn we onder de indruk van alles wat hier aan moois te zien valt. Niet alleen de gebouwen zijn het bekijken meer dan waard, maar ook bijvoorbeeld het zicht vanaf de brug op het riviertje de Trieux.

We gaan het 'fietsrondje' afmaken door weer in noordelijke richting terug te rijden naar Lazardrieux.  Daar nemen we de D786 via Treguier en Lannion naar weer een nieuwe kustplaats: Trédrez-Locquémeau. Hier overnachten we op de Acsi-camping Les Capucines, met uitzicht over een groene vallei. Het 'zeezicht' krijgen we morgen, als we naar het vissersplaatsje Locquémeau gaan, dat tot dezelfde gemeente behoort.

 

gereden: 122 km.
naar Saint Pol de Leon