terug naar de basispagina van de Heppiebuzz                                               naar andere reisverslagen- nog niet met de camper

    Meer weten? Stuur een e-mail !
 vanuit Houten naar Frankrijk    verslag eesrte deel week 2  verslag eerste deel week 3
 verslag eerste deel week 4  verslag eerste deel week 5  verslag eerste deel week 6  de laatste vakantiedagen

Dag 1 en 2 staan onder de knop:
vanuit Houten naar Frankrijk

Vanaf 14 mei vertoeven we daadwerkelijk in het land van Marianne en hurktoiletten.

Via groothertogdom Luxemburg
naar Noord -  Frankrijk !

week 1:
9 t/m 15 mei 2008
Houten - Belgi
ë - Luxemburg - Vogezen

 

Woensdag 14 mei         gereden 111 km

Het af te leggen traject voert vandaag van:
van Alzingen naar Pont a Mousson.

Nu de zoektocht in Luxemburg geen nieuwe banden heeft opgeleverd, vertrekken we op 14 mei richting Frankrijk. De combinatie Renault / camper moet hopelijk tot meer succes leiden.

We vertrekken om kwart voor tien van le Bon Accueil en nemen bij de camping meteen de N3 naar rechts, ofwel: het zuiden.

 

 

De weg gaat richting Frisange en vervolgens Theoville. Daar worden we nogal om de stad heen geleid, maar met veel kaartpuzzelen komen we toch op de gewenste D918 in de richting van Metzervises. Vanaf hier begint -zuidwaarts- en mooie route via Lutange, Bettelainville en Vigy richting Metz. We rijden hier zo'n beetje dwars door de koolzaadvelden naar de stad Metz. Links van de kathedraal, waar het toeristenbureau naast zit, vinden we een illegaal parkeerlekje. Loes blijft bij de auto, terwijl ik bij het Office niet alleen naar een stadsplattegrond en de bezienswaardigheden informeer, maar ook naar de mogelijkheid om ergens aan nieuwe banden te komen. We worden verwezen naar een industriegebied in het noordelijk deel van Metz.

Terug bij de buzz leg ik Loes uit waar we naar toe moeten en dan komt juist de police municipale om bekeuringen te gaan uitdelen. Wegwezen, dus! We gaan op weg naar de wijk Woipy, waar een camper- en caravanhandel zit (CLC). Na enig zoeken staan we voor een gesloten hek: het is kwart voor één en dan zijn de Fransen aan het lunchen. Gelukkig loopt er een medewerker buiten op et terrein te bellen en als hij met zijn gesprek klaar is, wil hij ons wel even te woord staan. Hij verwijst ons terug richting stad. Bij de Lidl zetten we de buzz even neer en doet Loes meteen inkopen: hier houden ze geen siësta. Aan de overkant vraag ik naar de juiste plek van de bandenspecialist. Of het dezelfde is als CLC bedoelde, weet ik niet, maar schuin tegenover zit een filiaal van de FAP en die kunnen me waarschijnlijk wel helpen (moet ik natuurlijk wel even wachten tot het middagdutje over is). We zetten de camper voor de deur en nemen zelf ook brood.

Meer weten over het land van Marianne? Klik op...

frankrijkFrankrijk op zijn best

Klokslag twee uur gaat het rolluik omhoog en kan ik mijn vraag stellen: heeft hij banden in de juiste maat? Het licht in het magazijn gaat aan, hij komt terug, loopt naar de computer en spreekt dan het verlossende woord: dat kost u 196 euro. Gelukkig. Rijdt u maar even naar de werkplaats, dan zetten we ze er meteen op. Wat een opluchting Het reservewiel gaat er af en de reserveband mag zijn sinds 1992 vertrouwde plek weer innemen. De buzz is met een half uurtje helemaal heppie: hij heeft twee nieuwe achter-banden. Wij op onze beurt zijn er nog steeds over verbaasd dat de ode banden door de APK-keuring zijn gekomen, want ze waren zeker ouder dan zes jaar en vertoonden aardig wat droogtescheurtjes. Met een hartelijk woord van dank en bijpassende fooi -madame, c'èst trop! (koop er maar een lekker glaasje wijn of biertje voor), gaan we op weg naar het stadscentrum om ons nu echt aan onze vakantiegenoegens te wijden.

Onder de bomen vinden we voor de Heppiebuzz een schaduwrijke parkeerplek. Even voor twee uur wandelen we naar de kathedraal. Een mooi, hoog schip met dwarsbeuk en ronde gang achterom het koor langs. Weer buiten lopen we door de oude binnenstad en genieten van de mooie gebouwen, straatjes en doorkijkjes. Natuurlijk wordt ook het nodige op video en in foto's vastgelegd.

 

Het is al kwart voor vijf als we weer een poging doen de stad te verlaten. Met recht: een poging doen, want de Fransen strooien rijkelijk met borden 'Centre ville' als je binnenkomt, maar de stad uit vinden ze minder interessant om aan te geven.

 


Een heel mooi ingericht terrein, met per twee standplaatsen een gebouwtje met alle voorzieningen.

 

Accueil

pour gens en voyage

Al met al een hele toer dus om Metz uit te komen, ook al omdat we zelf niet goed hadden gekeken naar de camping die we op het oog hadden. Die ligt namelijk te noordelijk en dus teveel terug, maar uiteindelijk slaagden we er in (met dank aan Piet/Mary Michelin) om op zo'n 30 km van Nancy te komen. In de plaats Pont a Mousson is echter geen camping te bekennen; wel een gedoogplaats bij de MacDonalds (maar die konden we zo snel niet vinden) en uiteindelijk zagen we -overigens voor de tweede keer- een bord met de aanduiding ''Accueil pour des gens en voyage''.

Voor de goeie verstaander: 'Ontvangstplek voor mensen die op reis zijn'. Wij dus het terrein op: een aantal gebouwtjes met toilet en wasruimte, inclusief elektra-aansluiting, dus wij kozen plekje zes. Kabel uit, maar er zat nog geen stroom op. Logisch natuurlijk:moesten we ons eerst melden Echter, juist vandaag was het ''bureau'' om zes uur dicht gegaan (het was inmiddels zeven uur) en zou pas donderdag om 08.15 heropenen. Jammer dan maar geen aansluiting: we zij aardig zelfvoorzienend. Alleen... toen ik ging vragen bij de buren om een beetje water, werd duidelijk dat het terrein is gereserveerd voor zigeuners (=reizigers ;-))))) We hadden echter geen puf nu weer alles in te pakken (wijn en bier stonden al ingeschonken) en we hebben de gok gewaagd: morgen horen we het wel.

Donderdag 15 mei      gereden 186 km

Het af te leggen traject voert vandaag van:
van Pont a Mousson naar Gérardmer.

Rond kwart voor zeven komt er weer wat leven in de Heppiebuzz. We gaan ervoor zorgen dat we ons uiterlijk kwart over acht bij de beheerder melden.
Die is ons echter te vlug af: om zeven uur wordt er op de deur geklopt. Met een nog slaperig hoofd doe ik de schuifdeur open. ''Wat doen jullie hier?" Dat lijkt ons logisch: ''We overnachten.''
Of we weten dat dit terrein is gereserveerd voor zigeuners? Of we daar wel eens van hebben gehoord? ''Ja, natuurlijk wel, ik ben schoolmeester geweest en had zigeuner-kinderen in mijn  klas.''
Hij neemt aan dat we hier maar een nacht wilden blijven -jazeker- en dat we ons melden op het bureau zodra we een beetje meer ontwaakt zijn? Ook dat beamen we.

 

Om kwart voor acht is alles ingeladen, op zijn plek gezet en klaar voor vertrek. Op naar het bureau dus...

We worden hartelijk ontvangen: ''Willen jullie koffie?'' Kijk, dat klinkt goed en we slaan dat  natuurlijk zeker niet af. Al koffiezettend vertelt de beheerder dat er wel vaker mensen per ongeluk op het terrein zijn  terecht gekomen. Niet altijd accepteren de zigeuners dat even makkelijk. Vorig jaar nog stond er een Belg, die zijn camper op het terrein liet staan en op de fiets naar de stad ging. Bij terugkomst was zijn camper 'verbouwd', zowel het in- als exterieur. Nu zit er een rustige groep, maar het is voor ons zeker een reden temeer om maar niet vaker op zo'n terrein te gaan staan. ''Willen jullie er een koek bij?'' Ook dat lijkt ons prima, hoewel we geen van beiden houden van de aangeboden Princefourre met chocola. Maar ja, je wilt zo'n vriendelijke gastheer natuurlijk niet voor het hoofd stoten. ''Dit is nog beter dan een hotel, nietwaar?'' Wij durven het niet ontkennen.
Na nog wat wetenswaardigheden te hebben uitgewisseld over de ontvangst en acceptatie van zigeuners, zowel in Frankrijk als in Nederland, krijgen we een bonnetje voor de zeven euro die we voor het verblijf moeten betalen. Hij wenst ons uitgebreid een goede reis en geeft nog even precies aan welke route we kunnen nemen om snel in Nancy te komen.

Die laatste suggestie volgen we niet, want dat gaat via de snelweg en wij zijn meer van de binnendoortjes.

De route die we nu volgen leidt via Dieudouard, Pompey en Nazeville naar de volgende grote stad:

Daar gaan we weer een plekje zoeken voor de Heppiebuzz, zodat we te voet het historisch centrum kunnen verkennen. We komen daarbij door het oude stadsdeel en zien al meteen waardoor deze stad zo bekend is: het vele bladgoud op de hekken, lantaarns en ballustrades van balkons. Dat alles aangebracht in opdracht van Stanislas, de schoonvader van Lodewijk.

Die kreeg de omgeving van Nancy tijdelijk van zijn schoonzoon in handen, met de bedoeling dat het na zijn dood aan Lodewijk verviel, zodat zijn rijk weer een beetje groter was. Schoonpa bleef echter nog een flinke tijd op deze wereld actief en drukte zo zijn stempel op zijn residentie: Nancy.

Ook Nancy heeft een Arc de Triomphe en daar bevindt zich een heel groot parkeerterrein voor  auto's en bussen. Uiteraard hoor onze buzz tot die laatste categorie. Voor anderhalve euro mag je er bijna twee uur staan. De straatjes die we doorlopen op weg naar het Stanislaszplein spreken al meteen tot de verbeelding en de foto en filmapparatuur bewijst weer goede diensten.

Door allerlei straatjes lopen we naar een voetgangersstraat, maar die valt wat tegen. Misschien ook wel omdat de tram er door rijdt. Als ik de foto van dat vervoermiddel heb genomen en er rijdt er opnieuw een langs, valt me de bijzonderheid ervan op: er zit maar één rail in de straat. De wielen zijn net als bij een bus van rubber, dus het moet een rail zijn voor de nul-leiding van het bovenleidingsysteem. Heel apart.

We doen bij de Bata nog even en poging sandalen aan te schaffen, mar de verkoper blijkt niet erg klantvriendelijk. Helaas, er zit te weinig voetbed in de zool en meer smaken zijn er niet. De chef is ook niet van plan die aan te bieden. Dan maar geen deal.

We lopen om het centrum heen, terug naar het parkeerterrein en halen de buzz op om onze weg te vervolgen.

Die gaat via de D570 naar Charmes en dan richting Epinal. Daar nemen we de D11.


Het is aan het eind van de middag goed toeven in de Heppiebuzz.

We rijden door het voor Loes bekende Gérardmer en gaan naar Longemer, waar we willen kijken om daar te overnachten Het dorp valt echter tegen: het is een ski-oord en de kouwe kak straalt er van af. Een 'centrum' is ver te zoeken (achteraf blijkt ook dat de gemeente is ontstaan door een afsplitsing van Gérardmer, na een ruzie van/met het burgemeesters-echtpaar).

We nemen nog heel even een kijkje bij het meer, maar besluiten de drie kilometer naar Gérardmer terug te rijden. Dat doet als dorp veel gezelliger aan, hoewel het er in de toeristische beschrijvingen niet zo heel gunstig af komt vanwege de verwoestingen in de oorlog.
De vier campings staan goed aangegeven; wij kiezen niet voor Rambourchamps (druk in de zomer, aan het meer gelegen), maar voor het kleinere en rustiger Les Sapins, opnieuw een Acsi-camping. We mogen een plekje uitzoeken: dat wordt nr 57, aan het begin van het terrein, redelijk dicht bij de toiletten/wasgebouwen en twee plekken naast het kinderspeelterreintje.
De beheerder komt de stroom aansluiten en dan kunnen we ons installeren. De Cadac-skottel bewijst weer goede diensten en we hebben een heerlijke maaltijd.

Al lezend in de folder -in het Nederlands (nou ja: vol taal- en spellingfouten; Moustache kan hier nog wat verdienen ;-)) ontdekken we dat de camping een goede internettoegang heeft. Dus: naar de beheerder en het wachtwoord opgehaald (2 euro per 24 uur). Alleen: het lukt niet om op internet te komen: de netwerken kunnen niet goed worden weergegeven. Na een uurtje zelf klooien toch maar weer de systeembeheerder gebeld: en jawel: het lukt. Nu kunnen we tenminste een iets uitgebreider verslagje van onze belevenissen doen.

Vrijdag 16 mei             gefietst 22 km

Vandaag gaan we een stuk fietsen. Eerst doen we het ontbijt en de koffie in vakantie-tempo en dan stappen we op. Eerst naar het Bureau de Toerisme om er info op te halen over beschikbare fietsroutes. Wij krijgen een folder met een 'route vert', maar die blijkt pas een flink eind verderop te starten.

Goede raad is duur, dus we kijken op het kaartje naar een alternatieve route. Die vinden we door eerst naar La Bresse te rijden, een dorp op zo'n 14 km afstand.

De weg daar naartoe loopt zeg maar bovenlangs de camping. We zijn al meteen onder de indruk van het eerste uitzicht dat we van hieruit op het meer hebben.

Gelukkig zijn er weer wat wolken aan de lucht: dat levert altijd de mooiste plaatjes op. Er passeren wat wielrenners, die ook op weg zijn naar boven. Want pittig is het hier best wel. We rijden door en merken als snel welke inspanningen het vergt om boven te komen. Af en toe stoppen we, even uithijgen en een slok water nemen. We hebben dit jaar nog weinig training gehad en dat merken we best. Een half uur later bereiken we het -voorlopig- hoogste punt. We nemen en stuk stokbrood en rijden door. Tsja: naar beneden, dat gaat lekker!

We denken maar niet teveel aan het feit dat we in de loop van de middag weer terug omhoog moeten. Er is namelijk wel een alternatieve route naar Gérardmer, maar die is vele kilometers langer (en bovendien weten we niet: hoe steil??). We klimmen weer. Hijgend als twee ouwe postpaarden stappen we even later af en kijken elkaar recht in de ogen: wie doet zich voor wie groter voor? We besluiten niet verder de gok te wagen: het is nog ruim acht kilometer en we weten niet hoeveel klimmetjes dat nog vergt. We gaan terug en kiezen voor een rondje om het meer.

Blijkbaar zit er een kink in de communicatiekabel, want als we weer beneden aan de berg zijn, fietst Léon rechtdoor richting het Longemer en slaat Loes -die toch niet zo heel veel later de afdaling heeft beëindigd- linksaf naar de camping. Verwarring: Léon stopt, gaat een stukje terug de berg op om 'zijn' Loes te zoeken en die ziet bij de camping niet haar maatje. Gelukkig komen ze elkaar vervolgens halverwege dorp en camping weer tegen ;-))

Het rondje om het meer wordt het Gérardmer en in het centrum zelf worden voor de zekerheid wat foto's gemaakt: het is niet zeker of we hier de volgende dag ook nog komen. naar week 2, deel 1: We verkennen de Vogezen